DE PERSVRIJHEID VAN FRANS DE JONG

documentaire - 60 minuten
regie & interviews: Frans Lasès
camera: Bert Oosterveld
geluid: Anneloes Pabbruwee en
Hein Verhoeven
montage: Frank Herrebout
muziek: Wouter van Bemmel
produktie: Leo van Maaren

deze documentaire is mede tot stand gekomen met steun van:
Amsterdams Fonds voor de Kunst
ThuisKopie Fonds
Stichting Vrienden van Meermanno
Stichting Drukwerk in de Marge

KOOP DEZE DVD (€ 15,-)

Frans de Jong

"De drukpers is voor mij het symbool van vrijheid. Dat besef ontstond in de oorlog en heb ik steeds verder willen uitdragen." Kunstcritici vergelijken de prenten van de Amsterdamse kunstenaar Frans de Jong (1921) met die van de Groningse graficus (en schilder) Hendrik Werkman (1882-1945). De prenten van De Jong vallen op door het eigenzinnige gebruik van typografisch materiaal, de veelkleurigheid en de thematiek.

Frans de Jong volgde zijn opleiding aan de afdeling Typografie van de Koninklijke Academie in Den Haag en was werkzaam op allerlei terreinen van het drukkersvak. Hij werkte onder andere vijf jaar als foto-lithograaf in Haarlem en was enige tijd assistent bij typografisch vormgever Otto Treumann. In 1958 werd hij hoofd van de huisdrukkerij van de Bijenkorf. Daar kon hij zijn creatieve gaven in diverse typografische onderwerpen uitleven.
Ook in zijn vrije tijd was De Jong achter de pers te vinden. "Het is een ziekte. Je kunt er niet mee ophouden." Op zijn in 1950 aangeschafte Boston-trapdegelpers probeerde hij allerlei vreemdsoortige materialen af te drukken. "Al op de Academie in Den Haag wilde ik kijken wat er gebeurde als je een steen onder de pers legde of een stuk zink. Ik experimenteer eigenlijk met alles als het maar vlak is en structuur heeft: bladeren, stenen, houtblokken, schuimplastic, tule, Chinese koolbladeren, kant, fineer, maandverband, maar ook draadjes, zilverpapier en paperclips."
Ook experimenteerde hij met allerlei druktechnieken. In 1960 leerde hij het 'roldrukken'. Hierbij wordt de inkt met een handrol rechtstreeks op het papier aangebracht. Hier treedt hij in de voetsporen van Hendrik Werkman, die de aan de 'roldruk' verwante 'sjabloondruk' in 1935 voor het eerst toepaste.

In 1963 gaat De Jong weg bij de Bijenkorf en neemt hij een drukkerij aan de Nieuwe Amstelstraat in Amsterdam over. Hier vervaardigt hij onder meer maatschappelijk geëngageerde boeken en prenten. Voorbeeld is het boekje 'Waf. Blafoefening', dat in 1966 verschijnt als een uitgave van de Cyclopenpers. Critici roemden dit boekje en noemden het zowel inhoudelijk als typografisch een uitzonderlijke prestatie.
De blafoefeningen (letterlijk: waf waf, woef, woef) die erin vermeld staan, verwijzen naar de confrontaties die zich sinds juli 1965 voordeden tussen zich provo's noemende jongeren en de Amsterdamse politie. De Jong voelde zich verwant met die 'keffertjes'. Van zijn hand verschenen meerdere prenten die de provo's en hun ideeëngoed tot onderwerp hadden. Zo maakte hij de prent 'Witte fiets' (1967), waarin hij zich uitsprak voor het door de Provo's gelanceerde 'Witte Fietsen Plan' en het autovrij maken van de binnenstad.
In 1969 ontwierp De Jong een affiche met daarop de tekst 'Het stadhuis staat op de Dam'. Hiermee protesteerde hij tegen het plan om het 'nieuwe' Amsterdamse stadhuis op het Waterlooplein te bouwen. Frans de Jong is naar eigen zeggen geen man voor de barricaden, maar gebruikte wel de technieken van de boekdrukkunst om zijn stem te laten gelden.

Naast zijn maatschappelijk geëngageerde teksten, prenten en boeken maakte hij zogenoemd vrij werk. "Ik ben gefascineerd door bergen en heb heel wat berglandschappen gemaakt. Maar ook prenten van bloemen, vrouwentorso's en circussen. Na het zien van een tentoonstelling over postzegels vatte ik het idee op om geld te drukken. Niet echt geld, maar mijn creatieve invulling daarvan. Ik schilder ook. Maar je kunt wel zeggen dat het drukken van prenten toch altijd de hoofdmoot geweest is van mijn werkzaamheden." Nog steeds is De Jong te vinden in de drukkerij. "Als je het per se weten wilt, ik ben nu een Nieuwjaarskaart aan het drukken. Naast het schilderen vind ik het heerlijk om tussen de persen te staan. Zeker twee keer per week kun je me achter de drukpers aantreffen."

Tekst: Corien van Eyck van Heslinga
Bron: WWW.SBK.NL



HOME